Het cijfer op de kaart geeft het aantal exemplaren in het pak aan, namelijk één kaart 1, twee kaarten 2 en tien kaarten 10. Dankzij dit sterke principe is het mogelijk om de resterende kaarten in de stapel te beoordelen, en dus risico's te nemen en de juiste beslissing te maken.
In Geluksdag moet je zo dicht mogelijk bij de 21 punten komen, hetzij door een paar kaarten te vormen, hetzij door een van jouw kaarten of die van een tegenstander te scoren. Maar als je meer dan 21 punten haalt, verlies je en stopt het spel. Je moet dus voorzichtig zijn, maar ook weten wanneer je op het juiste moment risico's moet nemen.
Wanneer het spel eindigt, wint de speler die het dichtst bij de 21 punten zit.